Systematisch proberen en terugkeren als allerlaatste redmiddel
Vallen en opstaan (ook wel bifurcatie of wat-als-analyse genoemd) is het allerlaatste redmiddel. Vind je geen enkel logisch patroon meer, kies dan een vakje met twee kandidaten, neem een waarde aan en volg de keten van gevolgen tot je bij een oplossing of een tegenstrijdigheid uitkomt.
Kies het vakje met de minste kandidaten, bij voorkeur een vakje met precies 2 kandidaten.
Kies een van die kandidaten en plaats hem bij wijze van proef. Markeer je notities duidelijk, zodat je later kunt terugkeren.
Volg alle gedwongen gevolgen: naked singles, hidden singles en elke andere techniek die daardoor in werking treedt.
Stuit je op een tegenstrijdigheid (een vakje zonder kandidaten of een eenheid waarin een cijfer nergens meer past), dan was je aanname fout.
Wis dan alle proefinvullingen en plaats de ANDERE kandidaat in het oorspronkelijke vakje: die moet wel juist zijn.
Duikt er niet snel een tegenstrijdigheid op, dan moet je verderop in de keten misschien een tweede aanname doen.
In de informatica heet dit "diepte-eerst zoeken". De meeste sudokupuristen vinden het onelegant, maar het werkt altijd.
Belangrijke tip: put eerst alle logische technieken uit. Daardoor gaat vallen en opstaan een stuk sneller, want er blijven minder vakjes over.
Vakje R4C4 heeft alleen de kandidaten {3,8}. Stel dat R4C4=3. Dat dwingt R4C7=8 af (de laatste plek voor een 8 in rij 4), waardoor R2C7=6 wordt (de enige kandidaat die overblijft), waardoor R6C4=9 wordt. Maar dan houdt R7C4 geen enkele geldige kandidaat meer over: tegenstrijdigheid! R4C4 moet dus wel 8 zijn.